GIDS · BELASTING

Wat Denemarken kost: vier schijven, een plafond en het prijsniveau

7 min lezen

Denemarken heft in lagen en kapt het totaal af met een plafond. Wie de tarieven optelt komt op een getal dat niemand betaalt. Deze gids zet de lagen in de goede volgorde, met de datums van de jaaropgave, de regeling voor lonen boven een vastgestelde grens en wat het verdrag met Nederland over AOW en pensioen zegt.

Dit gaat over Denemarken.

Eerst de arbeidsmarktbijdrage, dan de rest

Van al je loon gaat eerst 8 procent arbeidsmarktbijdrage af, het am-bidrag. De belastingdienst noemt het zelf een belasting en zegt precies wanneer het wordt ingehouden: nadat ATP en je eigen pensioenbijdrage eraf zijn, en voordat de overige belasting wordt ingehouden. Alles wat hierna komt, wordt dus gerekend over het loon na die 8 procent.

Sinds 2026 betaal je het pas vanaf het jaar waarin je 18 wordt. Voor een volwassene die uit Nederland komt verandert dat niets; het staat hier omdat de regel nieuw is en oudere pagina's hem niet kennen.

Vier schijven en een plafond

Over het persoonlijk inkomen na am-bidrag betaal je 12,01 procent bundskat aan de staat, plus de belasting van je kommune. Die gemeentebelasting verschilt per gemeente; de statistiekdienst geeft voor 2026 een landelijk gewogen gemiddelde van 25,05 procent, en dat is een gemiddelde en geen tarief. Wie lid is van de folkekirke betaalt daarbovenop kerkbelasting, landelijk 0,87 procent.

Daarboven komen drie schijven, alle drie op het persoonlijk inkomen na am-bidrag: 7,5 procent mellemskat boven 641.200 kronen, nog eens 7,5 procent topskat boven 777.900 kronen, en 5 procent toptopskat boven 2.592.700 kronen. Mellemskat is wat tot en met 2025 topskat heette; de twee bovenste lagen zijn in 2026 nieuw. Een pagina die nog van één topskat spreekt, of van een tarief tussen zevenendertig en zesenvijftig procent, beschrijft de oude indeling.

En dan het plafond. Denemarken kent een wettelijk skatteloft van 44,57 procent op het persoonlijk inkomen: telt de som van staats- en gemeentebelasting daarboven uit, dan wordt de staatsbelasting verlaagd tot je precies op het plafond zit. Op positief kapitaalinkomen ligt het plafond op 42,0 procent. Wie de schijven en de gemeentebelasting bij elkaar optelt zonder dat plafond, komt op een getal dat niemand betaalt; en wie de arbeidsmarktbijdrage erbij optelt, telt twee grondslagen door elkaar.

De belastingvrije som, het personfradrag, is 54.100 kronen in 2026 en 55.700 kronen in 2027. De grensbedragen voor 2027 staan ook al op de tabel van het ministerie: 659.900, 800.500 en 2.668.200 kronen.

Wanneer je Deens belastingplichtig bent

Je bent volledig belastingplichtig zodra je een woonplaats in Denemarken hebt en er verblijft; de belastingdienst zegt het op haar pagina voor wie naar Denemarken verhuist in één zin. Uit haar juridische handleiding komen de randen: wie een woning heeft maar er nog niet woont, wordt pas belastingplichtig als hij er verblijf neemt, en een kort verblijf wegens vakantie telt niet als verblijf. Volgens de praktijk van de dienst is een aaneengesloten verblijf van meer dan 3 maanden, of in totaal meer dan 180 dagen binnen 12 maanden, geen vakantie meer.

Wie geen woonplaats heeft, wordt belastingplichtig bij een verblijf van ten minste 6 maanden, met korte vakanties in het buitenland meegeteld, en dan gaat de plicht in vanaf het begin van dat verblijf, niet na afloop. Volledig belastingplichtig betekent: al je belastbare inkomen telt mee, in Denemarken verdiend of niet.

De jaaropgave: drie datums

Denemarken werkt met een årsopgørelse, een jaaropgave die de dienst voor je klaarzet. Over 2025 stond hij op 23 maart 2026 in TastSelv, met wat werkgevers en banken hadden aangeleverd. Te veel betaalde belasting werd vanaf 24 april 2026 uitbetaald.

Corrigeren kan normaal tot 1 mei; over 2025 was die termijn eenmalig verlengd tot 20 mei 2026, en de dienst schreef erbij dat 1 mei de gewone datum is. Reken dus met 1 mei en lees elk jaar de tijdlijn van de dienst.

De derde datum is 1 juli, en die is voor een Nederlander de datum die telt. Wie een eenmanszaak heeft, inkomsten uit het buitenland heeft, een woning verhuurt waar hij zelf niet woont, of aandelen buiten de anpartsregels bezit, krijgt een oplysningsskema: de uitgebreide aangifte, in te vullen vóór 1 juli. AOW, een Nederlands pensioen of rente op een Nederlandse rekening zijn inkomsten uit het buitenland, dus die datum geldt vrijwel altijd. Restschuld betaal je het beste vóór dezelfde dag: daarna komt er een opslag van 5,7 procent bij.

Hoog loon: de forskerskatteordning

Voor wie met een hoog loon naar Denemarken komt bestaat een aparte regeling, de forskerskatteordning. Je loon wordt dan bruto belast met 27 procent plus de arbeidsmarktbijdrage, samen 32,84 procent, in plaats van met de schijven hierboven. De voorwaarde is een gegarandeerd maandloon van ten minste 65.400 kronen in 2026; voor onderzoekers geldt geen salariseis maar een opleiding op ten minste ph.d.-niveau.

De regeling duurt maximaal 7 jaar, en die jaren mogen worden opgeknipt. Je kunt er maar eenmaal in je leven onder vallen. Wie in de laatste 10 jaar in Denemarken heeft gewerkt zonder onder de regeling te vallen, is uitgesloten, en onder de regeling zijn geen aftrekposten op het loon mogelijk. Of het loont hangt dus af van je loon en je aftrekposten samen, niet van het tarief alleen.

AOW en pensioen uit Nederland

Woon je in Denemarken, dan betaal je in beginsel Deense belasting over een buitenlands pensioen; zo schrijft de belastingdienst het, met erbij dat het verdrag bepaalt of het uitkerende land ook mag heffen. En dat verdrag is sinds het protocol van 2018 anders dan veel pagina's nog zeggen.

Het verdrag met Nederland dateert van 1 juli 1996 en werkt sinds 6 maart 1998; het wijzigingsprotocol van 9 mei 2018 werkt sinds 31 december 2018. Sinds dat protocol mag de bronstaat heffen over pensioen, soortgelijke beloningen en lijfrenten die uit die staat komen, dus Nederland over een Nederlands pensioen. Over de AOW mocht Nederland al langer heffen: betalingen onder de socialezekerheidswetgeving vielen ook in de tekst van 1996 al aan de bronstaat toe. Denemarken voorkomt dubbele belasting door de in Nederland betaalde belasting te verrekenen, tot het Deense belastingdeel over dat inkomen.

Er is een overgangsregel: wie vóór 9 mei 2018 als inwoner van een van beide landen al een pensioen of lijfrente uit het andere land ontving, dat blijft ontvangen en in hetzelfde land blijft wonen, houdt voor dat pensioen de oude regel, en die legde particuliere pensioenen bij de woonstaat. Wie na die datum verhuist of met pensioen gaat, valt onder de nieuwe.

Praktisch: buitenlands pensioen komt niet vanzelf op het oplysningsskema. Je vult het zelf in bij buitenlands inkomen, vóór 1 juli. De verdragstekst is Engels; een Nederlandse vertaling van het pensioenartikel hebben wij bij geen instantie gevonden, en wat wij hierboven schrijven is onze lezing van de geconsolideerde tekst in de wettenbank.

Prijsniveau: wat Eurostat meet

Eurostat meet elk jaar het prijsniveau van wat huishoudens uitgeven, met de EU op 100. Denemarken stond in 2025 op 139,7; Nederland stond in dezelfde reeks op 115,6. Per categorie is het verschil ongelijk verdeeld.

CategorieDenemarkenNederland
Wonen166,9134,2
Voeding120,599,4
Energie111,0114,4
Vervoer127,3112,2
Recreatie140,9112,7

Die verhoudingen zitten in onze kostencalculator, per categorie. Het zijn landelijke gemiddelden: København is niet Nordjylland, en een index zegt niets over wat jouw woning in jouw stad kost.

Wat een Deen per uur verdient, en wat daarin zit

De Deense statistiekdienst publiceert een loonbegrip dat hij zelf het dichtst bij het afgesproken loon noemt: de standardberegnet timefortjeneste, de gestandaardiseerde uurverdienste. Over 2024 kwam die voor alle sectoren samen uit op 315,92 kroner per standaarduur.

Per sector loopt dat uiteen: bedrijven en organisaties 329,37 kroner, de staat 320,93, de regioner 313,26 en de kommuner 267,84.

Twee dingen zet de dienst er zelf bij, en je moet ze weten voordat je dit naast een Nederlands uurloon legt. In dat bedrag zitten onderdelen die een Nederlander niet als loon leest: pensioen inclusief ATP, toeslagen, personeelsvoorzieningen en onregelmatige betalingen. En de arbeidskosten van bedrijven zijn bij deze dienst een aparte statistiek met een eigen naam. Het jaartal bij deze tabel is 2024, en een maandbedrag geeft de dienst hier niet.

Wonen: wat de statistiek wel en niet geeft

Huren publiceert Danmarks Statistik alleen als index, met 2021 op 100: in het tweede kwartaal van 2026 stond het hele land op 111,8, 2,7 procent boven een jaar eerder, en Hovedstaden op 113,3. Een huurbedrag in kronen staat nergens bij de dienst, en wij dragen er dus ook geen.

Kopen publiceert de dienst als gemiddelde prijs per verkocht pand, in duizenden kronen, vrije verkoop. Een prijs per vierkante meter bestaat in die tabel alleen voor grond. Het eerste kwartaal van 2026:

RegionEengezinshuisAppartement
Hele land3.1114.049
Hovedstaden5.8745.151
Sjælland2.6272.347
Syddanmark2.0751.894
Midtjylland2.6702.760
Nordjylland1.9111.755

Bron: Danmarks Statistik, tabel EJEN77, gemiddelde prijs per pand in duizenden kronen, eerste kwartaal 2026. Een pand van vijftig vierkante meter en een van tweehonderd tellen hierin even zwaar.

Wie koopt betaalt woonbelasting. De ejendomsværdiskat is 5,1 promille van de waarde, en 14 promille over het deel boven 9.007.000 kronen. Daarnaast heft de gemeente grondbelasting, met een wettelijk maximum van 30 promille; het tarief per kommune dragen wij niet. Dezelfde tabel kent twee verminderingen die de Nederlandse gemeenteaanslag niet kent. De eerste is een nedslag van ten hoogste 1.200 kronen, voor een woning die je op of voor 1 juli 1998 hebt verworven. De tweede is een pensionistnedslag: 6.000 kronen voor een woning waar je het hele jaar woont, of 2.000 kronen voor een vakantiewoning. Je betaalt die woonbelasting maandelijks via je voorlopige aanslag, niet met een jaarlijkse aanslag zoals in Nederland.

Deze gids komt van de redactie van IkVertrekUit.nl en heeft nog geen eigen controledatum: de uitleg als geheel is nog niet integraal nagelezen. De losse cijfers erin zijn wel bij hun instantie nagekeken; ze staan met de dag erbij in het bronnenregister.